Situatie

In 2014 sloegen vijf onderwijsinstellingen hun handen ineen en startten de ontwikkeling van de European Media Cloud Campus. De Stuttgart Media University, Bilgi University (Istanbul), HIOA (Oslo), DMJX (Kopenhagen) en de Hogeschool van Amsterdam bieden alle opleidingen aan op het gebied van media. Via een online platform trachten ze studenten internationaal met elkaar in contact te brengen en een rol te laten spelen in elkaars ontwikkeling. Zoals in lijn met hun visie, betrokken ze studenten bij het proces. Tijdens workshops wordt een geselecteerde groep studenten uitgedaagd een vraagstuk met betrekking tot de campus op te lossen. Deze workshops worden begeleid door docenten die de scholen vertegenwoordigen en duren één week.
In mei 2017 vond een workshop plaats in Oslo. Deze week stond in het thema van culturele verschillen en de conflicten die eruit voort kunnen komen. Clyde Moerlie vertegenwoordigde de Hogeschool van Amsterdam als docent. Hij nodigde mij uit om deel te nemen als student. Op dit moment was ik nauwelijks bekend met het concept dat de European Media Cloud Campus is. Bovendien had ik overige deelnemers niet eerder ontmoet.

Taken

Op de European Media Cloud Campus (EMC2) zouden studenten met verschillende achtergronden met elkaar samenwerken en in contact komen. De groep werd gevraagd om valkuilen te identificeren en EMC2 te adviseren over een manier om hierop te anticiperen. De week was opgebouwd uit twee dagen oriëntatie en twee dagen productie en een halve dag voor de presentatie van het eindresultaat.
Persoonlijk had ik mezelf als doel gesteld om mijn kennis en vaardigheden goed te benutten en een professionele houding aan te nemen. Met ambities voor een internationale carrière zag ik dit als een goede gelegenheid om contacten te leggen. Hierom wilde ik een goede indruk achterlaten.

Activiteiten

Het project begon voor mij voor aankomst in Oslo. Ik was ervan op de hoogte dat ik samen zou werken met Duitsers, Turken, Noren, een Spaanse en Denen. Ik besloot me voor te bereiden op de workshop door informatie te lezen over deze culturen en de verschillen onderling. Na een minor Cross Cultural Business Skills kende ik betrouwbare bronnen voor dergelijke informatie. Onder andere het onderzoek van Hofstede zocht ik op. Aan een tafel op Schiphol vergeleek ik resultaten en probeerde ik mij een voorstelling te maken voor een mogelijk beloop. Bovendien probeerde ik in te schatten in hoeverre ik het beste kon reageren als mijn normen zouden botsen met die van anderen.
Aangekomen in Oslo bleek de eerste dag bestemd voor de handelingen die ik op Schiphol had gedaan. Daarnaast werden discussies gestart over de definitie van cultuur. Mijn kennis gaf me een voordeel. Niet alleen kon ik makkelijk mee praten en mij goed een mening vormen, het gaf mij ook gelegenheid om medestudenten toelichting te geven. Sommigen hadden nooit eerder van sommige onderwerpen gehoord en wisten ook niet waar ze de informatie moesten vinden.
Op de dagen die volgde ontstond er wrijving en frustratie. De studenten concludeerde dat er onduidelijkheid bestond over de verwachtingen van de docenten, met name wat betreft het product. Bovendien was de achtergrond informatie van het totale project beperkt. Er leek geen richting in het proces te zitten. Op dit moment realiseerde ik me dat er niet meer informatie beschikbaar zou komen. De informatie die er was moest de basis worden van ons product.
Tijdens gesprekken met de andere studenten en mijn eigen gepiekerd ontleedde ik de situatie. Dit leidde tot een aantal inzichten. Allereerst realiseerde ik me dat ik de enige student was met een achtergrond in communicatie. De overige studenten deden een opleiding in de creatie van media. Dat deed vermoeden dat ik het meest ervaring heb in het strategisch inzetten van communicatie met als doel om gedrag te beïnvloeden. Vervolgens, EMC2 wilt het gedrag van de doelgroep beïnvloeden om de kans op conflicten te minimaliseren. Het herinnerde me aan het communicatiemodel kennis-houding-gedrag. Concluderende, EMC2 heeft als doelstelling dat de doelgroep bekend is met de invloed en betekenis van de doelgroep. Daarnaast wilt ze de houding van de doelgroep tegenover andere culturen positief beïnvloeden. Ten slotte wil ze dat de doelgroep zich tolerant en begripvol gedraagt.
Op dit moment besloot ik voor de groep te gaan staan en mijn conclusies te delen. Als we werken vanuit de doelstellingen, is de richting van het project terug. Een natuurlijk gevolg leek dat ik een leidinggevende rol kreeg binnen de groep. We splitsten in twee groepen. De eerste groep bestond uit strategische denkers en zij zouden de theorie uitdenken. Hierbij werd nagedacht over het gedrag dat studenten dienen te vertonen. De andere groep bestond uit creatie mensen, zij werkten een presentatie uit van de gevolgen van deze theorie in praktijk. Dit hield het gedrag van EMC2 ten opzichte van het onderwerp in.

Resultaat

Het resultaat van de workshop was een gedragscode voor studenten op de EMC2. Deze werd ondersteund door een animatie waarin situaties uit de campus aan het licht werden gesteld. Onder de studenten was er een gevoel van trots en tevredenheid ontstaan en ook de docenten gaven aan positief verrast te zijn. Met name op het gebied van samenwerking kregen we complimenten. De docent die de rol van organisator vervulde bood aan een referentie voor mij te schrijven.

Reflectie

Door mij actief op te stellen en initiatief te tonen en voorbereidend werk te doen, was mijn gedrag taakgericht en heb ik een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan het team. Ondanks frustraties vond ik een manier om voortgang te stimuleren en problemen op te lossen. Ook ben ik tevreden over mijn rol binnen het team. Zonder teamgenoten voor het hoofd te stoten nam ik de voorgrond. Iedereen kreeg gelegenheid om zich van zijn of haar beste kant te laten zien in de rolverdeling bij de splitsing. Ik stuurde de groep aan en bewaakte dat het werk effectief en relevant bleef voor ons doel. Daarnaast bood ik hulp wanneer nodig, deelde mijn kennis en nam het project serieus. Bovendien was er ruimte voor kritiek. Door spelletjes, humor en samen onze vrije tijd doorbrengen was de sfeer positief.
In vergelijkbare situaties in de toekomst zal ik dezelfde keuzes maken, omdat ze leidde tot het gewenste resultaat. Eventuele groei blijft mogelijk op het gebied van tact. Bovendien nam ik veel beslissingen bewust. Door ervaring verwacht ik dat het gedrag grotendeels zal automatiseren. Dat geeft gelegenheid om nog meer concentratievermogen te gebruiken voor de inhoud van het project of andere uitdagingen of leerdoelen.

Meer informatie over de workshop in Oslo.